Ron Simpson van The Avocado Show over de impact van de avocado keten

 

Voor Walk the Talk #4 was ik op bezoek bij Ron Simpson, een van de oprichters van The Avocado Show. Het eerste waar velen bij ‘avocado’ aan denken is toch vaak: “OMG al dat water!” Google ‘avocado + water’ en je komt van alles tegen over waterverbruik en het uitdrogen van rivieren. Sommige sites beweren dat er 1000 liter water per kilo avocado nodig is, volgens anderen is dat weer 1000 liter water per tweeënhalve avocado. Nogal een groot verschil, dus ik vroeg mij af hoe dat nou allemaal in elkaar steekt.

Ook The Avocado Show kreeg veel vragen omtrent duurzaamheid. Ze groeien hard, hebben inmiddels 4 locaties en willen daarom wereldwijd een positieve impact maken binnen de supply chain van avocado’s. Omdat avocado’s naast de positieve aspecten ook te maken hebben met een keerzijde, was ik erg benieuwd naar hoe The Avocado Show omgaat met impact en duurzaamheid en ging met Ron in gesprek over de avocado-keten. Het werd een eerlijk en openhartig gesprek:

 

The Avocado Show, wat een fantastisch concept. Ik ben een grote fan omdat je zo'n geweldig merk hebt opgebouwd en achter de schermen werkt om een positief effect te bereiken. Je ontwikkelde het idee om een avocadorestaurant op te zetten, ging volledig viraal en kreeg daardoor veel vragen over duurzaamheid. Hoe was die ervaring voor jou?

“Het was eigenlijk heel interessant. Het was niet perse een wake-up call want we wisten natuurlijk al dat er in de horeca veel te verbeteren was qua duurzaamheid. Maar zo specifiek hadden we niet nagedacht over de duurzaamheid van de avocado zelf. De eerste dingen die een avocado bij ons oproept zijn positief: avocado’s zijn heel erg voedzaam, gezond, lekker en bevatten onverzadigde vetten. Pas door alle aandacht en vragen begonnen we er ineens bij stil te staan: ‘Oh hier zit veel meer achter, dat moeten we echt even onderzoeken.’

Als iemand vragen begon te stellen over de ontbossing in Mexico dacht ik: ‘We hebben nét een restaurantje geopend in Amsterdam met 42 tafels, hoe kunnen wij dit probleem dan oplossen Mexico?’ Inmiddels zien we de mogelijkheden voor ons en dromen we groot. Als we groeien kunnen we namelijk ook sturing geven aan duurzaamheid binnen de industrie. Dat voelt goed en is ook onderdeel geworden van onze company culture. Wij geloven dat als de avocado een van de meest voedzame vruchten ter wereld is, dat we een manier moeten vinden om het universeel duurzaam te krijgen. En met de juiste techniek en inzet kan het wél, dus waarom niet? Tuurlijk hebben we te maken met problemen en uitdagingen, maar die zijn op lange termijn wel op te lossen als we het met zijn allen doen.” 

En wat zijn je grootste uitdagingen?

“De allergrootste uitdaging is natuurlijk schaal. Het is een gigantische industrie, waar je als piepklein spelertje nog niet zoveel impact hebt op de supply chain. Maar dat verandert zodra je groeit en we hebben al bewezen dat een klein bedrijf enorme media impact kan hebben. De belangrijkste uitdaging waar wij vervolgens tegenaan liepen, was gebrek aan kennis bij de consumenten over het productieproces. Er is vooral veel onduidelijkheid over watergebruik, het internet zegt alles van 100 liter per kilo tot 2000 liter per kilo. Dat is natuurlijk niet zo handig.”


Ik las ergens 2000 liter water PER avocado…

“Oh de perceptie is dus nog erger! Dit bedoel ik dus. Welk onderzoek was dat dan? In welk land? En welk jaar? En op hoeveel hectare? Wij hebben dankzij Nature’s Pride onze supply chain kunnen bezoeken en onderzoeken in Zuid-Afrika, Mexico, Chili en Peru. Daar hebben we onwijs veel nieuwe dingen geleerd en ontdekt waar nooit over gesproken wordt. Het allerbelangrijkste is dat avocado bomen geplant worden in het juiste klimaat en in de juiste grond. Onze farmers zitten op de juiste locaties en werken dus met de natuur mee. Neem bijvoorbeeld Zuid-Afrika waar de meeste avocadobomen in een vallei staan. Daar geven ze de bomen helemaal geen water, maar is hun challenge juist om het regenwater af te voeren. In Chili hoor je veel over Petorca, waar er inderdaad een watertekort is. Om die reden werken wij en Nature’s Pride niet samen met dat gebied, maar juist in de streken waar er een natuurlijke watertoevoer is dankzij een ondergrondse rivier en meer. En ook op de plekken waar ze wel water moeten geven aan de avocadobomen in de droge maanden, gaat dat via drip irrigatie zodat er geen druppel wordt verspild. En dat is absoluut geen 2000 liter water per avocado, want dat is economisch toch ook niet te doen?”  


“Wij geloven dat als de avocado een van de meest voedzame vruchten ter wereld is, dat we een manier moeten vinden om het universeel duurzaam te krijgen.”


Hoe komt het dan dat men die slechte perceptie heeft, waar ligt die slechte meting aan?

“Voor de media is de allerslechtste meting natuurlijk het meest interessant. Dat shockeert en dat trekt aandacht aan. Zo werkt de wereld al jaren en het is super effectief. En vaak ook goed, omdat problemen dan de aandacht kunnen krijgen die ze verdienen. Alleen is het belangrijk om perspectief te hebben bij feiten, maar vaak wordt dat weggelaten. Als er 100,000 hectare is met geautomatiseerde dripirrigatie, dan wordt dat niet vermeld, maar als er 10 hectare aan bomen met een tuinslang worden natgespoten, dan wordt dat vaak gepresenteerd als de industry standard. Echter als je het heel simpel en economisch beredeneert, een boer met 100.000 hectare… zou die zoveel water sproeien of verliezen? Even weg van het moraal, economisch is dat toch ook niet te doen? Nee, die investeert in een duurzame oplossing. Drip irrigatie en andere technieken worden gebruikt om zowel de kosten als de verspilling van water laag te houden. Maar niet elke boer heeft gigantisch veel land natuurlijk. Vaak hebben de kleine boeren maar een paar hectare en hebben ze het eerst geprobeerd met een ander soort fruit, zoals druiven of sinaasappels. Als ze dan avocado’s proberen dan gaan ze niet meteen investeren in drip irrigaties of andere systemen. Dat kost heel veel geld en de meeste kleine boeren hebben dat geld niet.”


Ahaa, ik snap het...

“Je ziet vaak dat voor de meeste kleine avocado boeren die je nu ziet, de avocado niet hun eerste poging was om fruit te verbouwen. Als het eerder mislukt is met andere gewassen, kun je het de boer moeilijk kwalijk nemen dat hij iets probeert te verbouwen wat eigenlijk niet per se kan in dat gebied. Puur omdat hij niet in het juiste klimaat en ook niet op de juiste bodem zit. Hij probeert zijn bedrijf te redden en zijn gezin te voeden. Maar zodra die boer te werk gaat komt inderdaad het moment dat er veel water of moeite nodig is om avocado’s te verbouwen… De reden waarom de grote jongens wel zo hard kunnen groeien, is omdat ze in ’t juiste klimaat werken, met het nodige budget en kennis om de juiste investeringen te maken. Daardoor werkt alles mee op een natuurlijke manier, anders konden ze nooit zo snel groeien. Dat is dus een stuk beter en professioneler geregeld dan de kleinere boeren die ineens voor grotere uitdagingen komen te staan.” 



Zou het een oplossing zijn om met deze kleine boeren samen te werken? Bijvoorbeeld door middel van educatie of het delen van middelen?

“Je kunt ze van alles leren, maar daar ligt het niet per se aan, ze hebben simpelweg het geld niet om zelf duurzaam te kunnen investeren. Maar ze kunnen niets anders, ze moeten wel brood op de plank krijgen want hebben ook een gezin om te onderhouden. Hoe groter de business wordt, hoe groter je middelen ook worden. Wij kunnen niet direct met ze werken omdat leveranciers avocado’s op grote schaal nodig hebben om de supply chain haalbaar te houden, maar de grotere boeren uit de buurt kunnen dat wel en dat doen ze ook.

Daar zit de oplossing ook in. Ze kopen vaak de oogst van de kleinere boeren in, helpen met de verkoop aan de lokale markten en delen kennis, educatie, partners en zelfs tools en techniek die ze anders niet meer gebruiken. Zo werkt iedereen aan verbetering in de industrie. 

Het is niet zo dat er dan helemaal geen problemen zijn. Ik weet zeker dat er problemen zijn met water in sommige gebieden, maar dat is lastig om vanuit een ander land te beoordelen. Er zijn al systemen zoals waterrechten en certificaten, maar dat gaat soms nog steeds mis. Het blijft alleen een lastig perspectief om vanuit deze kant van de wereld, dat op te moeten lossen. Natuurlijk zijn wij verantwoordelijk voor de vraag en dus voor de groei van de industrie, maar als ineens Westland geen water meer zou hebben door alle kassen, moet Rio de Janeiro dat dan gaan oplossen? Of moeten wij dat zelf doen? Zo voelt het af en toe een beetje. We helpen graag mee, maar vooral door creatieve oplossingen en deals te bedenken. We moeten wel impact kunnen maken door zelf iets toe te voegen, niet alleen iets te vinden van een probleem.”


Je hebt een heel mooi merk neergezet, én maakt tegelijk stappen op duurzaamheid. Hoe doe je dat?

“Door het te zien als een levenswijze of bedrijfsvisie. Kleine dingen veranderen, erover blijven praten en samenwerken. Wij werken aan duurzaamheid binnen onze organisatie, omdat we het er allemaal mee eens zijn dat het er toe doet. Als er een keuze of mogelijkheid is om het beter te doen, dan doen we dat! Niet alles kan, soms moeten keuzes ook wachten, maar we volgen de techniek op de voet. Als er opportunities zijn zoals het niet meer gebruiken van plastic rietjes of waterflessen, gaan we daarvoor. Simpele oplossingen die haalbaar zijn, daar werken we heel erg aan mee.”

 

Knap dat je duurzaamheid zo combineert met een f*cking sterk merk!

Een mooie brand bouwen én duurzaam te werk gaan, dat is de toekomst.


Jullie groeien hard, en ik zie ’t al voor me dat je een van de leading partijen wordt. Hoe zorg je ervoor dat je anderen ook inspireert om duurzame stappen te zetten?

“Ik denk dat er geen ander bedrijf is die zoveel tijd, moeite en liefde investeert in ’t delen van hun verhaal. Daar hoort deze boodschap ook bij. We maken content, doen inspirational talks van grote podia tot scholen en hebben zelfs een docu gemaakt. Dit doen we niet alleen om content te verspreiden, we willen ook heel graag leren. We moeten conversaties aangaan en open staan om te leren in plaats van elkaar te snel te judgen. Ik vind dat mensen al heel gauw een negatieve perceptie kunnen hebben over van alles door 2 artikelen te lezen op Facebook, maar dan heb je je huiswerk niet gedaan over avocado’s. Het is juist goed dat het mensen raakt en dat er conversaties ontstaan, maar een beetje verdiepen in iets waar je zo’n duidelijke mening over hebt zou al een flinke verbetering zijn. En dan moet er ook veel meer informatie te vinden zijn. Er is namelijk veel onduidelijkheid over het waterverbruik. Maar de avocado zelf bevat enorm veel voedingsstoffen en de vrucht is ook niet overbodig want het is een natuurlijk product, dat onderdeel zou moeten zijn van elk dieet. Ik sta er helemaal achter en vind dat we de manier van productie en informatieverschaffing moeten aanpakken. Dat is een flinke uitdaging, maar ik kijk er met veel positieve energie tegenaan.” 


Zijn er trends en/of innovaties die je in de avocadoteelt ziet?

Ja heel veel. De vraag naar avocado’s groeit enorm. Daardoor wordt er veel slimmer gekeken naar de uitbreiding ervan. Als je naar de oude plantages gaat, zie je hoge bomen kris kras door elkaar heen geplant. Bij nieuwe plantages staan bomen precies ver genoeg uit elkaar, en groeien ze niet hoger dan 2 meter. Dus kan de vrucht gewoon geplukt worden zonder ladders en machines. De paden zijn breed genoeg voor elektrische laadbakken in plaats van tractoren. Zo gaan we veel efficiënter en slimmer te werk.”


Kunnen we al die zorgen omtrent de productie van avocado’s binnenkort wegnemen?

“Ik denk dat mensen zich zorgen maken omdat ze niet alle feiten kennen. De belangrijkste vraag voor mij is: Kan een avocado duurzaam verbouwd kan worden? Het antwoord is ‘ja’. Hoe we dat doen, wanneer we dat gaan doen? Dat zijn oplossingen die de gehele industrie met elkaar moet bespreken en realiseren, maar het kán sowieso. Ik snap wel dat mensen boos worden als ze een paar feiten lezen die niet voor de hele markt gelden. Maar na reis voor de docu ben ik écht een stuk gelukkiger teruggekomen. We moeten focussen op het positieve, er gebeuren zo veel goede ontwikkelingen. Hier kijken we met een Europese bril naar onze standaarden, maar we vergeten dat alles in Afrika of Zuid-Amerika anders werkt.”

Je kijkt er dus best positief tegenaan?

“Ja we moeten ons blijven focussen op het positieve en onszelf de belangrijke vragen stellen:
Kan het duurzaam? ‘Ja.’ Er is alleen nog wat werk voor nodig.
Hebben we het nodig? ‘Ja.’ Het is een van de meest voedzame vruchten ter wereld.
Dus waarom zouden we het niet doen? Ik kijk liever naar verbeteringen in oplossingen. We willen allemaal hetzelfde maar de manier waarop we ermee omgaan is soms anders.”

Ik las dat jullie met Nature’s Pride samenwerken aan verbeteringen in de supply-chain, hoe doen jullie dat?

“Voor ons is ’t belangrijk dat we eco-friendly en duurzaam verbouwde avocado’s hebben. Daar horen ook de juiste certificaten bij, goed omgaan met personeel en nog veel meer wensen. Nature’s Pride is onze leverancier en daar werken we goed mee. Zij brengen ons in contact met growers, en we leren van hen hoe het werkt. Als wij kansen zien, helpen zij ons heel graag en dat is tof! We delen dezelfde visie: Waar het beter kan doen we het beter. verbeteren. Als iemand het kan, zijn wij het, die samenwerken. Ik zie dat we in de toekomst blijven verbeteren." 


Wat moet er gebeuren om de industrie te verduurzamen?

“Wat we nodig hebben? Veel educatie zowel aan de kant van boeren en producenten, als aan onze consumentenkant. Jij kwam ook binnen met de gedachte dat er 2000 liter water nodig is per avocado, maar waar haal je die informatie vandaan? Hoe zit dat precies in elkaar? Hopelijk verdiepen mensen zich eens wat meer in dingen. Wij hebben dat gedaan en kwamen erachter dat er te weinig informatie is. Het is niet concreet of veel te oud. Door content te maken en te verspreiden, proberen we ook een educatieve rol te spelen.”

Je brand is te gek én je krijgt impact binnen de supply chain gewoon voor elkaar. Een mooie prestatie. Wat is jouw tip aan jonge ondernemers die ook tot zo’n positie willen komen?

“Wij willen dit zo doen. Dat doen we goed en ik denk dat het merk, de uitvoering en alles wat we eromheen doen, mensen interesseert. Dit komt niet vanuit de tekentafel maar vanuit ons hart. Ook als er geen media zou bestaan, zouden we het zo doen. En dát is het ding, je kan ’t willen maar je moet het ook doen en dan zie je vanzelf wel wat er gebeurt.”

 

“Dit komt niet vanuit de tekentafel maar vanuit ons hart. Ook als er geen media zou bestaan, zouden we het zo doen.”

 

Een laatste vraag, avocado’s in verpakkingen in de supermarkt. Daar stoor ik me enorm aan. Heb je een tip voor de supermarktketens die dit doen? Zoals de eetrijpe avocado’s van de Albert Heijn?

“Plastic verpakkingen rondom avocado’s zijn uiteindelijk overbodig. Er zijn zoveel manieren om packaging te doen. Plastic is echt overbodig. Ergens begrijp ik wel dat ze een avocado willen beschermen met verpakkingen, de schil beschermt het fruit wel, maar als de avocado een stoot krijgt wordt ‘ie bruin van binnen. Dat hebben veel andere vruchten niet. Veel meer mensen knijpen ook in avocados die niet verpakt zijn… dus worden die ook sneller bruin. Ik zeg niet dat ze helemaal geen verpakkingen meer moeten doen, maar we kunnen vast wel iets beters verzinnen toch?.”


The Avocado Show is een jong bedrijf dat hard groeit, en daardoor veel positieve impact kan creëren binnen de keten. Ron vertelde dat er nog meer duurzame verrassingen aankomen, dus stay tuned!